317 Br. Albertus Petrus Kroes
Geboren te Amsterdam : 06-07-1924
Ingetreden : 23-01-1944
Eerste Professie : 15-08-1945
Eeuwige Professie : 15-08-1949
Overleden te Huijbergen : 03-04-2004
Broeder Albertus, aan Piet Kroes werd geboren te Amsterdam 6 juli 1924 uit ’t huwelijk van
Aloysius Johannes Kroes en Emma Francisca Lambert als oudste in het gezin dat uiteindelijk 7 kinderen ging tellen: 6 jongens en 1 meisje. Hij deed zijn intrede 60 jaar geleden op 19 jarige leeftijd om Broeder van Huijbergen te worden: ’t is dan 15 juni 1944.
Akte 77 A had hij al behaald, toen hij z’n noviciaat begon in Ossendrecht. Dat werd gevolgd door Akte 77 B, door Wiskunde K 1 in 1947, Wiskunde K V in 1950, Aardrijkskunde M.O. in 1955, Kandidaats Wis.- en Natuurkunde in 1958. We zien Br. Albertus als onderwijzer vanaf 1945 te Bergen op Zoom aan ’t Lourdesplein, te Breda als leraar aan de Ulo van de Karrestraat vanaf 1949, hier in Huijbergen aan de Sainte Marie Ulo vanaf 1951, te Breda als leraar aan de Kweekschool vanaf 1953, te Oosterhout als leraar aan het Mgr. Frenken College van 1954 tot 1984.
Met de VUT vanaf 1984, met pensioen vanaf 1989 bleef Broeder Albertus in ’t klooster van Oosterhout wonen. Hoewel Br. Albertus er sterk uitzag, bleek zijn lichaam toch kwetsbaar al tijdens z’n briljante schoolcarriere , moest hij helaas meer en meer ’t ene mankement na ’t andere `n plaats weten te geven in z’n leven. Dat begon eigenlijk al in 1947, en sindsdien hield ’t maar niet op. In broer Piet, in oom Piet verliest U als familie een beminde , meelevende en belangstellende broer, oom en neef, de Congregatie een respectabel hoogstaand lid, en het Convent van Oosterhout en hier van Ste Marie ’n ingoede, gereserveerde en echte medebroeder.
Br. Albertus was en bleef een hartelijke belangstellende medebroeder, die zich bescheiden opstelde. Hij had gevoel voor humor,voor velen bleef hij een bijzonder speciaal persoon.
Hij was uiterst breed ontwikkeld, oppervlakkigheid kende hij niet. Bezocht anderen in het ziekenhuis, bleef alles zoveel mogelijk meedoen, ontbrak nooit in de kapel, z’n boeken, zijn tijdschriften en kranten bleven z’n grootste passie.
Z’n familie nam een grote plaats in, bij feestjes en herdenkingen werd hij zoveel mogelijk betrokken. Wat was hij de 26ste maart nog graag aanwezig geweest bij de promotie tot hoogleraar virologie aan de Universiteit van Leiden van z’n neef Louis. Maar juist toen begon het heel slecht te gaan met Br. Albertus die er op stond dit niet aan z’n familie te laten weten het zou de feeststemming kunnen bederven. Klagen was en bleef hem vreemd. Zijn steeds verder teruglopende gezondheidstoestand werd met een bewonderenswaardige moed gedragen. Hij wilde daar bewust z’n medebroeders niet mee belasten. Veel heeft hij in stilte verwerkt. Als hij alleen was kwam de Rozenkrans te voorschijn, daar vond hij steun en kracht in. Aan het twijfelen om te verhuizen van Oosterhout naar hier kwam een abrupt einde toen hij een heup operatie moest ondergaan gevolgd door een revalidatie periode die in ’t klooster van Oosterhout niet kon plaats vinden. Liefdevol en vakkundig is hij hier op de verzorgingsafdeling ontvangen.
:
In de jaren die er volgden bleef hij zeggen dat er heel goed voor hem gezorgd werd.
Van en namens die verzorgingsafdeling zal Broeder Huub deze overdenking afronden.
ZIJN LAATSTE LANGE AFSCHEIDSDAG
Vrijdag 2 april zijn laatste afscheidsdag Doodmoe… die ontzettende rugpijn… ik kan niet meer…Een eminente persoon, die veel pijn leed en niemand pijn wilde doen, die een aangrijpend leven gehad heef, en vooral die laatste zeven zware jaren, is gestorven. Het is heel vroeg in de morgen van 2 april, ongeveer 2.00 uur, onrustig…. dan weer wat wakker,dan weer in diepe slaap-. dan onrustig en dan moe van elke handeling die hij deed…. het was een ‘ja’ en ’n ‘nee’….het is genoeg geweest.
Was dankbaar en had groot vertrouwen in de zusters, wanneer zij hem verzorgden. Br. Albertus was gehecht aan mensen…. aan zijn geliefde familie, hij wilde ze zo graag zien, aan de zusters en de doktoren van de dialyse-afdeling van het Groot Zieken-Gasthuis in `s-Hertogenbosch. Maandag 29 maart waren we er: Br. Albertus liet merken, dat hij afscheid wilde nemen. Het viel hem zwaar. Was gehecht aan mensen… zijn voortreffelijke chauffeuses van de taxi, die hem iedere keer heel nabij waren. Niets was teveel. En was gehecht aan zijn medebroeders… Eigenlijk kon hij ze niet loslaten. Dit kwam ook op deze afscheidsdag tot uiting en gaf heel duidelijk aan, met ogen die hij nog nauwelijks open kon doen, zeggend: ” niet weggaan ” toen we elkaar afloste, hij wilde beslist niet meer alleen gelaten worden.
Gehecht aan de vele, vele vrienden en vriendinnen, die hem zeer dierbaar waren. Was er mee bezig tot aan zijn sterven, in de vroege morgen van 3 april. Nooit klagend, maar probeerde van zijn veel bewogen leven, een eigen verhaal te maken. Steeds opnieuw. Deze laatste dag zocht en vond hij de weg naar die rust van: ‘vanuit Gods hand tot in Gods hand’. Zo in de geest van…”Ik ben bereidt uw weg te gaan. Geef mij kracht om na palmen ook het kruis te dragen: de weg die mij tot leven zal brengen”.
Of zoals we zingen in deze Goede Week: ‘en als ik eens moet strijden, mijn allerlaatste strijd, wil ik belijden, dat gij mijn heiland zijt. En wees in die laatste stonden mijn hoogste toeverlaat’. Hij voelde, dat zijn einde naderde. Zijn onregelmatige ademhaling en zijn steeds zwakker wordende pols en met steeds meer inleveren, getuigden hiervan. Kort na 2 april, zaterdagnacht 3 april om kwart over twaalf, in ’t bijzijn van zijn medebroeders, is hij rustig gestorven. In groot geloof, en hij steunde helemaal op Maria in wie hij een bijzondere verering had. Goddank, hij heeft nu de rust. Met dankbaarheid kunnen we terugkijken op deze zo’n bijzondere, eminente mens.
Bedankt Albertus, en tot ziens bij God.
Leo Testers rector
Broeders van Huijbergen