IM039 BROEDER PANCRATIUS (BERNARDUS CORNELIS BLAUWHOED)

039 BROEDER PANCRATIUS (BERNARDUS CORNELIS BLAUWHOED)

Geboren te Breda : 22 – 11 – 1879
Ingetreden in de Congregatie : 16 – 11 – 1901
Inkleding : 02 – 02 – 1902
Professie : 15 – 04 – 1906
Overleden te Huijbergen : 23 – 03 – 1909
Begraven op het kloosterkerkhof.

Broeder Pancratius was een bekwaam timmerman.
Overal was hij de man die direct klaar stond om te helpen.
Bij zijn hulpverlening voor een toneeluitvoering liep hij een zware verkoudheid op ten daaruit volgde “tyfus”.

Bij den dood zijner ouders werd hij in het Burgerweeshuis te Breda opgenomen.
Hij leerde in de bijzondere Burgerschool aldaar en deed veel voortgang, ook in Frans, Duits en Engels.
Bij het verlaten van die school leerde hij het ambacht van meubelmaker aan de ambachtschool. Later echter koos hij het timmermansvak.
Hij voelde zich gelukkig alles te verlaten en alle aardse banden te verbreken. Hij had als ervaren ambachtsman ruim zijn kost kunnen verdienen, maar in de eenvoud zijns harten, droeg hij God alles op.
Ieder die broeder Pancratius kende achtte hem hoog om zijn eenvoudigheid. Hij zocht geen eervolle bedieningen, maar was steeds met het eenvoudigste handwerk tevreden. Nimmer zag men hem opgewonden, met ieder ging hij vreedzaam om. Met kinderen ging hij graag om en wist zich bij hem verdienstelijk te maken door hun de behulpzame hand te bieden bij hunne kinderlijke spelen. Vooral bij het opslaan van het theater, bij aanbrenging van versieringen, vooral bij de H. Sacramentsprocessie, nam hij een werkzaam deel.

Moest er in een succursaal, vooral in de Kweekschool timmerman- of meubelmakerwerk verricht worden, dan werd broeder Pancratius wel eens enige tijd daarheen gezonden en wat hij volbracht kon het daglicht zien.

Begin februari 1921 werd broeder Pancratius bedlegerig. Hij had kou gevat, zei men, bij gelegenheid van het pannenkoeken bakken met vastenavond. Van den aanvang af, speelde hem de ziekte in het hoofd, zodat men al spoedig bij hem waken moest. Eerst wisselde men elkander af, maar al spoedig verklaarde de dokter, dat er waarschijnlijk tyfus in het spel was en de zorg aan een paar oudere broeders moest opgedragen worden. Nochtans bevond hij zich op 22 Febr. tamelijk goed, en verwachtte men dat de beterschap sterk zou toenemen. Maar kort daarop verklaarde de dokter, dat er longontsteking was bijgekomen. Toen werd alle hoop opgegeven broeder Pancratius overleed in de leeftijd van 41 jaar.

Bronnen: – Geschriften van broeder Pacificus.
– N.N.