IM056 BROEDER PAULUS – ALOYSIUS VAN GIJSEL

056 BROEDER PAULUS – ALOYSIUS VAN GIJSEL

Geboren te Hengstdijk : 20 – 10 – 1874
Ingetreden : 02 – 10 – 1892
Eerste Professie : 04 – 10 – 1894
Eeuwige Professie : 04 – 10 – 1896
Overleden te Huijbergen : 01 – 02 – 1932

Als er ooit sprake is van een type, dan was dat zeker wel onze Br. Paulus. Hij was onderwijzer met hoofdakte en een lagere akte voor Frans. Hij hoofd van de broederscholen in Oosterhout (1904) het Fort in Bergen op Zoom (1909) en Hulst (1924).
Het was iemand die alles moest onderzoeken en voor het minste had hij belangstelling. Er wordt van hem verteld dat hij tijdens zijn verblijf in Bergen op Zoom, kippen hield. Op een keer moest hij op reis en dus vroeg uit de veren. Moest dus vroeg gewekt worden. Maar wie zou dat doen? De oplossing was vlug gevonden. ’s Avonds tevoren pakte hij uit het kippenhok een haan en zette die op zijn kamer. Dat het beest rustig op zijn kamer bleef zitten was al iets wonderlijks, misschien was die haan getemd. Hoe het ook mag geweest zijn, de volgende morgen rond 4 uur gaf die haan een solo weg, met het gevolg dat niet alleen Br. Paulus, maar ook zijn naaste buren, zijn medebroeders wakker werden.

Op een keer had hij een kogel te pakken en die moest volgens hem gedemonteerd worden. Het was op de studiezaal van de Broeders. Paulus dus aan het prutsen, maar het projectiel ontplofte en het kostte Br. Paulus twee vingers. Grote ontsteltenis!

In de tijd dat hij Op Ste Marie stond aan het pensionaat, werd van hem gezegd dat hij er een “vrije orde” op na hield. De jongens zaten zeer graag bij hem in de klas. Hij was een goed onderwijzer en de jongens leerden er veel.

De ziekte van Broeder Paulus heeft maar een dag of vijf geduurd. Hij werd overvallen met de grieppneumonie (griep met longontsteking). Bij het eerste bezoek zei de dokter al tegen Br. Lucianus, de ziekenbroeder:
“Die gaat dood: Mijn vader heeft er nog nooit een zien doorkomen”. (er was in die tijd geen penicilline) Het was een zwaar ziekbed. Had geweldig hoge koortsen. Door de hoge koorts was hij dikwijls in de war. Maar te midden van die zware ziekte bleef hij de echte Br. Paulus. Toen Br. Lucianus op last van de dokter hem een glas rode wijn liet drinken, vroeg de ziekenbroeder of het hem smaakte.
Het antwoord was: “Heel goed, Br. Lucianus, maar je had er 20 jaar eerder mee moeten komen.” De kapelaan uit Hoogerheide, Jan de Voltier, een jeugdvriend van Br. Paulus kwam tijdens de ziekte van Br. Paulus langs en vroeg of hij de zieke mocht opzoeken. Dit werd toegestaan en heel zachtjes kwam hij in de kamer van Br. Paulus. Op de vraag van de kapelaan, hoe het er mee ging kreeg hij prompt als antwoord van Br. Paulus:” Het is donderkoek, Jan.” Dit was echt Br. Paulus.

Bronnen: N.N.
056b Paulus van Gijsel