058 BROEDER GERARDUS – LAURENTIUS ROPS
Geboren te Princenhage : 09 -02- 1870
Ingetreden : 13 -12- 1897
Grote Professie : 30 -03- 1902
Overleden te Huijbergen : 29 -03- 1933
Broeder Gerardus was een ietwat stuurse mens, dat wil zeggen hij kon heel moeilijk er toe komen om eens lekker te lachen. Hier moet evenwel direct worden bij vermeld, dat wanneer men hem kende, er één en al goedheid sprak. De buitenkant was inderdaad zo, dat hij een ietwat sombere indruk maakte.
Voor zichzelf was hij streng en een ascetische figuur. Naar het schijnt is hij tijdens zijn voorbereidingsjaren op het kloosterleven, vanwege gezondheidsredenen terug gestuurd naar huis. Later is hij weer terug gekomen.
Br. Gerardus heeft vooral gewerkt in de eenvoudige huiselijke bedieningen. Vooral in de spoelkeuken heeft hij lange tijd gewerkt en dat kunnen we met zekerheid zeggen, dat hij dit werk zeer correct heeft gedaan.
Het werk op de “moos” zoals men dat noemde was een bezigheid die je zowat heel de dag in beslag nam. Het hield in de opwas, van heel de kloostergemeenschap en de internaten. Verder het schoonmaken van potten en pannen uit de keuken. Goed beschouwd ben je in die bediening een “manusje van alles”. En dat kwam elke dag terug. Jarenlang heeft hij deze taak verzorgd en tijdens het werk bad hij vele rozenhoedjes hard op, iets wat in die jaren heel gewoon was als men samenwerkte. Maar hij deed het ook alleen hard op.
Deze Br. Gerardus moet wel een zeer eenvoudige en nederige mens geweest zijn, om dit werk jarenlang tot volle tevredenheid te blijven doen. Langzaam werd het hem te zwaar, vooral vanwege ziekte.
Volgens dokter van de Kar had hij een vreselijke ziekte. Heel het lichaam trilt, beeft en schudt; tenslotte worden de spieren aangetast, ook de buikspieren. Daardoor ontstaat dan een niet te stelpen diarree, die dan voert tot algemene uitputting.
Voor verzet was Br. Gerardus nog al eens bij heel mooi weer wat bezig in de tuin met het opharken van de paden. Maar dat ging zeer langzaam. Tot het eind toe wilde hij ook nog wat werken.
Alles tezamen heeft hij ontzettend veel geleden, en heeft langs de weg van gebed en geduldig gedragen lijden, veel gedaan en zegen afgesmeekt over het werk onder de jeugd.
Bronnen: N.N.
058ab Gerardus Rops