IM085 BROEDER FRANCISCUS (J. A. JANSSEN)

085 BROEDER FRANCISCUS (J. A. JANSSEN)

Geboren te Alphen. N.Br. : 23 -11- 1877
Ingetreden : 28 -11- 1903
Grote Professie : 19 -04- 1908
Overleden te Hulst : 03 -10- 1947

Br. Franciscus heeft in de congregatie geen opzienbare rol gespeeld. Hij was geruime tijd bakker in het Moederhuis, kok in meerdere succursalen; ziekenoppasser en jarenlang vader en vriend van de allerkleinsten in het Willibrordushuis Toch was Br. Franciscus een groot man; groot namelijk in datgene, waarin een volgeling van de Arme van Assisië groot kan zijn, in eenvoud en bescheidenheid, in diepe godsdienstzin, trouwe plichtsbetrachting en franciscaanse blijmoedigheid. Hij heeft de naam van zijn Vader met ere gedragen.

Met Br. Franciscus is weer een van die trouwe, eenvoudige zielen heengegaan, waaraan onze Congregatie steeds zo rijk is geweest. Op de vooravond van Vaders feest op 3 oktober 1947 heeft hij ons verlaten om blij de verjaardag van Vaders overgang mee te vieren. Zijn heerbroer uit de Kapucijnenorde zal hem daar zeker met vreugde hebben verwelkomd. Br. Franciscus, gaarne zullen wij in onze gebeden U gedenken. Wees gij daar boven met onze confraters onze voorsprekers bij God.

Br. Franciscus woonde op het laatst van zijn leven in Hulst. Vanuit Hulst schrijft men over hem:
“Op de vooravond van het feest van zijn H. Patroon en Vader is onze goeie Br. Franciscus naar het hemels vaderland opgeroepen. Het was vrij plotseling, niemand had enig vermoeden, dat het zo snel zou gaan.
Het was een goeie brave man, die al jaren zijn kwaal meedroeg, maar ze steeds wist te verbergen door zijn opgewekt meeleven met alle gebeurtenissen in ons convent en onze congregatie, voor zover zijn doofheid dit toeliet.
De weg naar de kapel wist ie goed te vinden. Menig weesgegroetje en kruiswegje heeft hij daar in alle stilte gebeden. Voor de oefeningen zat hij gewoonlijk het eerst in de kapel. Hij was ook een echte man van de klok, een die slechts afweek uit onwetendheid. Hij was een goeie man wat ook nog moge blijken uit zijn grote liefde voor het eenvoudige arme kind. Hij kon heel goed omspringen met die kleintjes, al was zijn doofheid, wat men zo zou vermoeden, daarvoor erg hinderlijk. Maar het ging hem best af. De sukkels hadden zijn bijzondere voorliefde.

Maar ook in ons convent had niemand van Br. Franciscus enige last. Nooit een hard woord. Angstvallig vermeed hij het, iemand pijn te doen. Hij was voor alles te vinden, stak graag een helpende hand toe, gaf goede raad. Overal deed hij graag aan mee. Zijn tijd nutteloos gebruiken kwam niet voor. Wees de klok de tijd aan van werken, dan schoof Br. Franciscus de deur uit en deed zijn werkschort voor. Bang voor de kou was hij helemaal niet. Hij liet het beste plekje bij de kachel aan een ander over, zelfs nog in de vorige strenge winter. Hij was niet te bewegen aan te sluiten. Ook de wandeling werd voor de kou nooit uitgesteld. Het was nog een man van de oude garde, kras en stoer. Hij was de eenvoud zelf.

In de omgang met de ander had hij slechts een motief, goed zijn. Het convent te Hulst verliest in hem een reuze goeie ziel. Jammer voor ons, dat hij er niet meer is, maar hij zal zijn loon van God wel ontvangen hebben.

Bronnen: N.N.