IM116 Broeder Engelbertus Jansen

116 Broeder Engelbertus Jansen

Geboren te Tilburg : 12-04-1885
Ingetreden : 28-11-1903
Eerste Professie : 15-04-1906
Eeuwige Professie : 19-04-1908
Overleden te Huijbergen : 01-04-1962

Enige aantekeningen uit Leer en Leven, waar Br. Clemens de lof toezwaait aan Br. Enge1bertus bij gelegenheid van zijn gouden Professiefeest.

Broeder Enge1bertus heeft in zijn leven in die vijftig jaar meer leven gemaakt dan de twee anderen van het driemanschap samen ( Br. Franciscus Janssen en Broeder Urbanus vierden gelijk met hem het gouden feest) En daar bedoelen we niet alleen mee, dat hij de hamer heeft doen klinken op het aambeeld van de Huijbergse kloostersmidse, maar ook dat zijn talrijke andere bedieningen – hij is herhaaldelijk surveillant geweest in het weeshuis en het pensionaat, kok, koster, portier, ziekenoppasser, boekbinder, refterbaas – voor de geschiedenis vermeldenswaard zijn geworden door talloze schilderachtige voorvallen en belevenissen.
Als surveillant had hij er de wind onder. Er zijn in de opvoeding oude degelijke princiepen en er zijn moderne pedagogische opvattingen. Uit die twee kan men kiezen of er ook een passend mengsel van maken. Broeder Enge1bertus had gekozen.

Onder hem was de eeuw van het kind nog niet aangebroken; de jongelui hadden de meester op zijn wenk te gehoorzamen, en als ze soms mochten aarzelen, herinnerden de blik en de machtige stem van de Broeder hen er wel aan, dat er niets opzat dan braaf het pad der deugd te bewandelen.
Maar streng als de baas was, zijn toewijding was zonder grenzen. Die toewijding kon hij ook botvieren in de tijd van zijn ziekendienst. Daar zou Broeder Salvator zaliger gedachtenis over kunnen getuigen. Het was treffend deze brave man te zien in zijn laatste ziekte in het St. Wi11ibrordushuis te Breda: zwak, krachteloos, maar zich vol vertrouwen overgeven in de sterke handen van ” Bertsjen”, die hem ook in de zeer moeilijke momenten, als klaarblijkelijk de duivel nog kwam sarren, verkwikte met een schietgebed, of een kruisje met wijwater, of met de troost van het broederlijk woord. Jan Br. Plechelmus kan het dan ook niet anders dan snode ondankbaarheid genoemd worden, wanneer hij de moederlijke zorgen van Broeder Engelbertus te weinig waardeerde, en zelfs onder diens wakend oog vanuit de wachtkamer van tandarts Hamer smadelijk op de vlucht sloeg.

Toewijding kenmerkte ook het kosterschap van Br. Engelbertus. Altaar en koor van het St. Franciscusgesticht te Bergen op Zoom blonken onder zijn zorgen. De broeders konden er misschien – bij gebrek aan begrip – mee lachen, als Broeder Engelbertus op zijn bidstoel achter in Gods huis de Rector, de Broeders en de jongens – evacuatieklas van het pensionaat – bewaakte, en de kapel deed daveren, wanneer hij naar voren schreed om de kaarsen aan te steken of te doven, in werkelijkheid hebben de jaarlijkse plechtigheden van de Goede Week hem naast stromen van zweet zeker een paar dagen van zijn leven gekost.
De aandacht voor geestelijke dingen, die in het kosterschap zo’n natuurlijk uitgangspunt en zo schone ontwikkelingsmogelijkheden vindt, heeft zich in Broeder Engelbertus’ leven nog kunnen openbaren in de tijd van zijn boekbinder-zijn.
Het waren wel allemaal geen geestelijke boeken, die hij in de band heeft gezet, maar het aantal kerk- en devotie boeken, dat door hem, op even deskundige als grondige wijze, is vernieuwd, moet legio worden genoemd.
Wel kon Br. Cyrillus beweren, dat hij uit zijn meditaties geen voornemen kon vormen, omdat Br. Engelbertus die bij het inbinden had weggesneden: dat is meer een uitvlucht voor gemakzucht dan zorg voor het geestelijke; en daar tegenover staan velen, die het door Br. Engelbertus mogelijk is gemaakt in het gebed weer jaren voort te kunnen……

Overleef alle doktoren, zoals gij het boerke van Winsum hebt overleefd; laat de motor niet te hard draaien, dan houdt hij het wel: U weet dat nog wel uit de tijd dat U zelf voor de beroemde Huijbergse motor moest zorgen……
door Br. Clemens.

Geruime tijd is Br. Engelbertus ziek geweest. De verzorging en verpleging vroeg heel veel inspanning en geduld. Op het laatst van zijn leven heeft hij veel beproevingen moeten verduren.