168 Broeder Francesco – Constantinus Hemelaar
Geboren te Hansweert : 11-04-1913
Ingetreden : 18-01-1930
Eeuwige Professie : 16-08-1934
Overleden te Bergen op Zoom : 09-10-1973
Broeder Francesco, een naam die helemaal verweven is met het Instituut Ste Marie te Huijbergen, een naam die iedereen in de congregatie kende en die betekenis had, een naam die zo dikwijls werd uitgesproken, omdat men hem weer nodig had op het gebied van de techniek of gewoon als medebroeder en vriend, hij is niet meer. Zowel bij zijn medebroeders als bij zijn familie en ook ver daarbuiten was hij een geziene figuur en. de congregatie, maar heel bijzonder Ste Marie, heeft ontzettend veel aan hem te danken.
Broeder Francesco weg denken van Ste Marie een onmogelijkheid zou men zeggen, en toch … hij werd ziek … en in een ongelooflijk snel tempo ging alles de verkeerde kant op tot hij in de avond van 5 oktober stierf in het ziekenhuis “Lievensberg” te Bergen op Zoom, in de leeftijd van 60 jaar.
Terwijl we nu nog erg onder de indruk zijn van dit verlies wil ik proberen iets van zijn leven neer te schrijven” in de overtuiging, dat dit 211es maar een heel kleine weergave is van zijn rijke leven.
Ofschoon we elke dag worden geconfronteerd met het feit, dat Br. Francesco ons is ontvallen, zou ik toch dit schrijven speciaal willen doen uiteen grote dankbaarheid. Dankbaarheid, omdat we hem zovele jaren in ons midden mochten heb ben als medebroeder, als een echte gezelschapsmens die wist te vertellen en die zelfs de kunst verstond om leuke humoristische verhalen echt smaakvol te brengen.
Dankbaarheid voor zijn inzet voor het geheel van de congregatie en heel speciaal voor Ste Marie! Dankbaarheid, omdat hij heeft gewoekerd met zijn talenten en die heeft weten te gebruiken in dienst van de congregatie en de mensheid.
Mocht die dankbaarheid iets zijn van ons allen en dat zijn voorbeeldig en arbeidzaam leven voor ieder van ons een stimulans mag zijn, om onze beste krachten te geven, voor het zinvol beleven van ons broeder-zijn in dienst van de mensheid.
Francesco, hij is nu een van die vele mede broeders die ons zijn voorgegaan, en waar we in hem en in al die anderen e6.11 liefde en toewijding ontdekken, die bij ieder die er over leest of er dieper op doordenkt, iets wordt losgeslagen van de bezieling die bij hem aanwezig was.
Stan Hemelaar werd geboren te Hansweert op 11 april 1913. Zijn vader was Theodorus Hemelaar en zijn moeder Sidonia Vermont. Zoals elke normale kleuter doorliep hij met gunstig gevolg de gewone kinderziektes en op driejarige leeftijd mocht hij al naar de kleuterschool. Op de lagere school waren zijn vorderingen niet geweldig. De ijver waarmee meester Caré bij zijn leerlingen de beginselen van de wetenschap probeerde over te dragen vonden bij Stan weinig weerklank.
Meester Meyer daarentegen had aan Stan een zeer dankbare leerling. Vooral bij de natuurkundevakken was hij één en al aandacht en thuis in de schuur had hij een mooi plaatsje gevonden om zelf zijn opgedane kennis in praktijk te brengen. Zo wist hij van alle mogelijke rommel toch een motortje te maken dat nog werkte, ook. Als vader in de schuur aan het werk was, stond Stan erbij en probeerde al mee te helpen of anders keek hij goed toe hoe vader dit deed.
Onbegrijpelijk is het dat Stan bij het toelatingsexamen voor de ambachtsschool werd afgewezen.
Vader deed hem bij een timmerman in de leer en daar leerde hij de knepen van het vak, maar ook vele andere karweitjes tot zelfs schoorsteenvegen toe. Op daken en in goten voelde Stan zich best thuis en in het dorp had hij al gauw de naam van “De dappere”.
Ongemerkt kwam Stan ook op de hoogte van het leven van de broeders in Huijbergen als vader en moeder op bezoek gingen bij hun zoon die daar studeerde mocht Stan mee. Dan had hij vooral aandacht voor de smederij, de timmermanswinkel en de motorkamer waar de elektrische stroom werd opgewekt.
Van de directeur van de Kweekschool kreeg Stan een natuurkundeboek cadeau. Hij was er blij mee en het knutselen was nu pas echt begonnen. Klopte er iets niet dan werd het boek opnieuw erbij gehaald. Hij gaf het niet op. Stan had al meer gesproken over zijn plannen om naar’ de broeders van Huijbergen te gaan. Hij wilde ook broeder worden. En op 16-jarige leeftijd vertrekt Stan waar hij dan als jongste postulant binnenkomt.
Op 15 augustus 1930 ontving hij het religieuze kleed en nam de naam aan van broeder Francesco.
15 augustus 1934 deed hij zijn eeuwige professie.
Zoals toen gebruikelijk kreeg hij van alle mogelijke karweitjes te doen.
In timmerwinkel en de smederij was hij nogal eens te vinden en kreeg op die manier een mooie kans zich op technisch gebied nog meer te ontwikkelen. Bij de weesjongens was een Jonge Wacht opgericht en Br. Francesco mocht een cursus gaan volgen om zich als leider van de Jonge Wacht te bekwamen. Toen het grote plan was uitgedacht om op de zolder van het weeshuis een echte “burcht” te gaan bouwen, met daarin groepslokalen van de aparte groepen, zou br. Francesco als architect optreden en tevens kon hij op gebied van timmeren en elektriciteit zijn kansen benutten. De Jonge Wacht kreeg een prachtige burcht.
Het zou best de moeite waard zijn hier een foto bij af te drukken.
In de toren van de burcht kwam zelfs een klokje dat de juiste tijd aangaf.
De technische begaafdheden van br. Francesco kwam steeds sterker naar voren. Die kans heeft hij dan in de loop er jaren ten volle gekregen.
Werden er andere taken van hem gevraagd, ook dan stond hij klaar en zo werd werkelijkheid wat hij op zijn professieprentje had laten drukken: “Geef mij de kracht, 0 Heer, om te volbrengen, wat Gij van mij , zult vragen, en vraag me. dan alles, wat Gij wilt.
Om br. Hilarius, die toen de zorg had voor elektriciteit, waterleiding en verwarming, wat te verlichten, werd een gedeelte aan br. Francesco overgedragen en in 1935 nam hij heel de technische afdeling over.
Toen de oorlog kwam en de broeders op 23 november 1941 Ste Marie moesten verlaten, om plaats te maken voor de Duitse soldaten moesten enkele broeders waaronder Br. Francesco blijven, om de zorg voor de waterleiding, verwarming en elektriciteit te blijven voortzetten.
Van één kant was hij blij dat hij daar nog nodig was op, die manier kon hij op de hoogte blijven en verschillende dingen nog meenemen die de broeders hadden moeten achterlaten:
Bij zijn nalatenschap vonden we nog een uitbetalingsbewijs:
Wehrmacht bezirksverwaltung.
Bergen op Zoom
Lohnabrëchnung Monat…..januari . . .1942
Für St. Hemelaar
Für die Zeit vam 4/1 bis 31/1 . . . . . 1942
Stundenzahl… 120 . . . Stunden/Satz 52 cts. Lohnbetrag . . . 62,40 hfl
Bang van de Duitsers was hij niet. En als hij mede uit bezorgdheid voor het gebouw en complex van Ste Marie, bij de rondgang ´s avonds zag dat de Duitsers niet voldoende hadden verduisterd schreeuwde `Licht aus`, dan had hij er zelf plezier in.
Uit die tijd had het vele en wonderlijke sterke verhalen!
Toen op dolle dinsdag Ste Marie door de Duitsers werd opgeblazen was Br. Francesco in Oosterhout. Zo vlug mogelijk was hij in Huijbergen om te zien hoe de werkelijke toestand was en wat er nog viel te redden. Hoe was het met de eigen waterleiding, de elektrische voorzieningen enz.
Spoedig werd er een begin gemaakt met de opbouw van dit alles en werd alles op alles gezet om zo spoedig mogelijk weer te beginnen op Alverno en in noodlokalen. Ook het aandeel van Br. Francesco was zeer groot en menig nachtje heeft hij doorgewerkt met het werkvolk.
Zijn scherpe geest en vaardige hand produceerden en construeerden nieuwe vernuftige apparaten van eigen vinding, automatische toestellen enz.
Hij werd een manusje van alles, wiens advies en assistentie dagelijks in vele voorkomende moeilijkheden werd ingeroepen.
Te midden van de hele drukte bleef hij zich ontwikkelen en zo volgde hij o.a. ook een cursus in de verwarmingstechniek. Een puntenlijstje bij het studiecertificaat geeft aan:
Rekenen … 8½
Algebra … 7
Meetkunde … 8
Goniometrie … 8
Verwarmingstechniek … 7½
Elektrotechniek … 9
Toegepaste elektrotechniek 8½
23 oktober 1950
Ook op het gebied van het maken van uurwerken wist hij de weg te vinden om daar de juiste kennis op te doen en we staan versteld van de prachtige uurwerken en klokken die hij heeft vervaardigd.
Hoeveel broeders is hij op die manier van dienst geweest! Niets was te veel.
Bij veranderingen of gedeeltelijke nieuwbouw nam hij de afdeling elektriciteit, sanitair en waterleiding voor zijn rekening en heeft op die manier ontzettend veel weten te bezuinigen op die toch al hoog oplopende rekeningen.
Vóór de nieuwbouw zou beginnen heeft hij een heel rapport opgesteld over de watervoorziening van ons Instituut Ste Marie te Huijbergen (zo staat boven de brief). Daar geeft hij zijn adviezen en richtlijnen wat er zoal gebeuren moet en welke voorzieningen nodig zijn. Bij omschakeling van kolenverwarming en olie nam hij een heel stuk voor zijn rekening bij de ombouwen datzelfde weer bij de ombouw van olie op gas.
Zo werd de waterleidingsinstallatie door hem zelf helemaal naar het nieuwe Ste Marie overgebracht.
De laatste jaren is hij eigenlijk gaan sukkelen.
Zelf zei hij dikwijls alles is nog goed, ik heb alleen maar een nieuwe “kop” nodig. Ook zijn toenemende doofheid was voor hem een ware handicap. Dit alles was wel de oorzaak van gemoedsstemmingen.
Des te meer moeten we nu waarderen wat hij nog steeds wist te doen voor het geheel van Ste Marie en vooral dat hij een voorbeeld was als religieus. Bewust heeft hij naar het moment van invalide worden of sterven toegeleefd. Bij zijn familie heeft hij daar verschillende keren op gezinspeeld.
En toen hij op die maandag middag afscheid nam en naar het ziekenhuis vertrok zwaaide hij nog eens alsof hij wilde zeggen, dit is het laatste. Vlak voor zijn vertrek naar het ziekenhuis moest hij nog even in de kelder zijn, want de één of andere klok stond niet goed afgesteld. Ondersteund door Br. Archangelus kwam hij in de kelder, het terrein waar hij zo vele uren had doorgebracht. Toen hij bij de bewuste klok kwam, kon hij het niet meer zien. Is het een wonder dat hij toen begon te huilen?
In het ziekenhuis werd hij veel rustiger. Daar zouden ze hem direct kunnen helpen. Die linkerhand die niet goed meer wilde en dat linkerbeen dat sporen van verlamming vertoonde, dat alles zou nu wel beter worden. Nog dezelfde avond werd hij behandeld. De familie kwam hem daags daarna opzoeken en niemand, ook de broeders die hem bezochten, dachten dat het Zo gauw zou aflopen.
De verlamming zette door. Donderdagmiddag zijn ze tot ´s avonds laat met hem bezig geweest, voor een behandeling en werd onder narcose gebracht. Hij is niet meer bijgekomen. Vrijdagavond half tien is hij in aanwezigheid van enkele familieleden op 5 oktober gestorven, na het H. Sacrament der zieken te hebben ontvangen. Een grote leegte is er gekomen en een diepe droefheid om het verlies van onze Br. Francesco. Ook bij de familie, daar hij echt de bindende figuur was in hun gezinnen, en steeds de grootste belangstelling toonde. Moge hij nu genieten van de eeuwige rust en mogen wij dankbaar blijven voor al hetgeen hij voor de congregatie is geweest en heeft gedaan.
Moge zijn diep religieus leven en zijn grote werklust, ons de moed geven om in grote eensgezindheid, voort te gaan en onze beste krachten in te zetten voor het geheel. Br. Francesco, dank voor alles!
Br. Siardus