327 Br. Angelo Gerardus Engelbertus IJsenbrant
Geboren te Nieuw-Vossemeer: 19-08-1915
Ingetreden : 21-01-1934
Eerste Professie : 15-08-1935
Eeuwige Professie : 15-08-1935
Overleden te Huijbergen : 20-10-2006
Broeder Angelo, Gerardus Engelbertus IJsenbrant geboren te Nieuw-Vossemeer 19 augustus 1915 uit het huwelijk van Antonius IJsenbrant en Cornelia van Dijk , de jongste in het gezin dat drie zonen telde. Aan de Spaanse griep stierf zijn vader, en enkele jaren uit verdriet en aan tb. zijn moeder: kleine Gerrit was toen goed en wel 8 jaar. Gelukkig was er plaats voor de drie jongens in het weeshuis van de Huijbergse Broeders. Over die periode bleef Br. Angelo positief spreken, hij kwam er zelfs tot de keuze om het pedagogische en didactische werk van de Broeders mede te gaan ondersteunen. 21 januari 1934 volgde zijn intrede hier in Huijbergen.
Vanaf 1935 tot 1980 ( dus 45 jaren ) was hij verbonden aan scholen van het lager en uitgebreid lager onderwijs, maar zijn mooiste en langste jaren waren ongetwijfeld aan ( zoals dat toen genoemd werd ) de kweekschool, de pedagogische academie en aan het, aan zijn, Mgr. Frenckencollege vanaf 1959. Toen door Br. Angelo in 1934 Godsdienst A en Akte 77A + J was behaald bleef er naast het voor de klas staan, gestudeerd worden hetgeen bekroond werd met Akte 77 B Duits L.O. Akte S Gymnastiek Duits M.O.A. en Duits M.O.B. 1 augustus 1987 koos Br. Angelo er voor Oosterhout te verlaten en naar het moederhuis in Huijbergen te verhuizen. Hij had er tegenop gezien, maar eenmaal geacclimatiseerd bleef hij zeggen dat hij die stap veel eerder had moeten zetten. Bij het ouder worden kwamen de gebreken. En dan de laatste jaren: in januari 2002 een heupoperatie, enkele dagen daarna een zwaar herseneninfarct. Vanaf toen heeft hij lichamelijk en geestelijk veel af moeten zien.
Zijn rijke leven overziende na de vele gedachten en opmerkingen die ik mondeling en schriftelijk van zijn medebroeders, van zijn familie van harte kreeg aangereikt moest ik denken aan de evangelielezing die daarjuist gelezen werd. ieder die hem gekend heeft, ieder die hem heeft meegemaakt, weet Br. Angelo is zeker niet de man van het ene talent, ook niet de mens van de twee talenten hij was zeker en vast op zijn minst de man van de vijf talenten. En met zijn onderwijskundige talenten heeft hij als een uitstekende, goede en trouwe dienaar gewerkt, gewoekerd in de goede zin van het woord. Dat hij bij zijn sterven, bij zijn heengaan van deze aarde, vrijdag namiddag 20 oktober gehoord mag hebben van de Heer… onze en zijn God Uitstekend ! Je bent een goed en trouw dienaar ! Kom delen in de hemelse vreugde. Dat sterven werd ons aangekondigd met woorden uit het Bijbelse boekje “de wijsheid van
Br. Angelo was een man van het onderwijs in hart en nieren, met een enorm plichtsbesef, soms om bang van te worden. Punctueel bereidde hij, tot aan zijn laatste onderwijsdag toe, zijn lessen voor en eiste van zijn leerlingen eenzelfde instelling. Van nature was hij nauwgezet, streng voor zichzelf, en als docent streng voor zijn leerlingen. Stipt op tijd begon hij met zijn les, er mocht geen ogenblik verloren gaan, hij gaf gedreven onderwijs. De vele goede resultaten mochten er dan ook zijn. Zijn leerlingen blijven zeggen: “Hij was streng, maar ik heb heel veel bij hem geleerd. ” In de leidinggevende functie als huisoverste te Oosterhout waartoe Br. Angelo werd geroepen heeft hij zich nooit gelukkig gevoeld. Hij tilde er zwaar aan, noemde het zijn vagevuur. Een Goede, hartelijke, belangstellende oom en medebroeder was hij Ook in zijn godsdienstbeleving, de deelname aan de liturgische momenten, was er een grote voorbeeldige plichtsbetrachting, diepgelovig zoals hij in het leven stond. Eenmaal met pensioen vanaf 1980 bleef zijn interesse voor de Duitse literatuur behouden. Nu kwam er meer tijd om zich te verdiepen in de miniaturen uit het Heidelbergse gedichten – handschrift, miniaturen over de middeleeuwse minnedichten uit de jaren 1100 tot 1300.
In zijn vele goede jaren was oom Gerrit de spil in de familiekring: een bijzondere goede broer en oom, een graag gezien belangstellend en warm familielid bij verjaardagen, bij de feestdagen, bij bruiloften en familie aangelegenheden. Als huisgenoot was hij een gezelschapsmens, zijn kamerdeur stond dan ook vaak uitnodigend en verwelkomend open.
Tussen hem en Br. Karel klikte het bijzonder goed: samen hebben ze wat afgefietst en gebuurt, genoten van vakanties, maar niet alleen met hem: ook met familie en andere medebroeders.
Br. Angelo is heel oud mogen worden, kende veel, heel veel mooie en goede jaren. Vanaf begin 2002 had het eigenlijk niet meer gehoeven dat onmenselijk loodzwaar kruis dat hij te dragen kreeg: geestelijk en lichamelijk. De broeder Angelo vanaf toen was niet meer de Br. Angelo van daarvoor. Kundig, liefdevol en vol zorgen waren de verplegenden van de Ste Marie verzorgingsafdeling dag en nacht dienstbaar richting Br. Angelo Dat stemde hem dankbaar, hetgeen hij ook liet merken en verwoordde.
Dat u, Broeder Angelo, dat u Oom Gerrit, mag opstijgen naar de Heer, uw en onze God
om opnieuw verenigd te zijn met Uw dierbaren uit uw familie, uit uw kloosters, uit uw vrienden- en kennissenkring.
Leo Testers, rector
Broeders van Huijbergen
Herinnering aan Oom Gerrit.
De laatste van een generatie is heengegaan. Oom Gerrit was een begrip in onze familie. Er ging geen gebeurtenis voorbij of hij hoorde erbij. “Ome Tetter” noemden onze kinderen hem, toen ze nog klein waren. Wat kon hij genieten van een kopje koffie met een gebakje, een lekkere bonbon. Vooral een borreltje was favoriet: ouwe klare met de zwarte dop. Bij zijn eerste bezoekje in Roosendaal na zijn operatie hebben we de vlag uitgestoken om het ekstra te vieren ! Door zijn warme belangstelling en zijn grote bescheidenheid was hij bij iedereen geliefd. Op je verjaardag, je trouwdag of een andere gedenkwaardige dag was de kaart van Ome Gerrit er als eerste. “Hoe kan hij dat toch allemaal onthouden,” vroegen we ons vaak verbaasd af. Later zagen we zijn agenda en toen snapten we het: álles, werkelijk alles stond erin !
Toen hij door zijn ziekte niet meer kon schrijven en de kaarten wegbleven, wist iedereen dat het niet goed met hem ging. De vakanties beleefde hij als één van de hoogtepunten van het jaar. Voor zijn studie Duits maakte hij prachtige reizen naar Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk maar de 14 dagen naar de caravan in Groede samen met ons Pap en Mam spanden de kroon.
Iedere dag begon vroeg, 6 uur – half 7, met een flinke strandwandeling, samen met ons Pap en Anneke, die ook vaak op de camping was. Dan na een paar uur, zo tegen half 9, had ons Mam het ontbijt klaar met gebakken eieren met spek. Met ondeugende en glinsterende oogjes kon hij erover vertellen.
Toen de vakanties door de leeftijd te bezwaarlijk werden, kwamen er dagtochtjes naar Groede en de uitwaaierende familie voor in de plaats. “Een dagje naar de camping en dan, boven op de dijk, de zee zien,” Ome Gerrit was er altijd voor klaar.
Hij was ook lid van de Ploeg van Pluim: een groep van familie en vrienden om samen de caravan van Anneke seizoenklaar te maken door de voortent op te bouwen of, na het seizoen, weer af te breken. Ieder had dan zijn eigen taak. Ome Gerrit maakte de haringen altijd schoon, dan kon hij erbij blijven zitten. Dot was lang zijn werk en hij vond het fijn om erbij te zijn. Toen dat niet meer kon, werd hij met een telefoontje op de hoogte gehouden en kon hij zo de stand van zaken bij houden.
De familiegebeurtenissen volgde hij op de voet en hij was begaan met het wel en wee van de hele familie. Toen ons Pa plotseling overleed, kwam hij iedere dinsdagmorgen stipt om half tien bij ons Mam op de koffie. Jarenlang kwam hij dan met de auto vanuit Oosterhout een bloemetje brengen. Hij vond het vervelend als hij iets vergeten was. Toen hij in het begin van zijn ziekte nog redelijk herstelde, hebben Ton en ik vaak met hem de namen van alle neven en nichten en hun kinderen geoefend. Dat waren er best veel, want in Tilburg woont een grote familie. De lijst zal nog wel ergens in zijn bureaula liggen. De laatste jaren van afnemende gezondheid waren zwaar. Verdrietig was het om te zien hoe hij alles moest inleveren. Door de niets aflatende zorg van broeders en verpleegsters heeft hij er zo lang tegen kunnen vechten. Zijn sterven moet een verlossing voor hem geweest zijn. We zijn ervan overtuigd, dat hij zonder veel problemen in de hemel is gekomen. De zorgen daarover zijn nu voorbij.
Ome Gerrit, bedankt voor alles en rust fijn uit. Dat hebt U, volgens ons, na zo een lang leven wel verdiend en hou ons van bovenaf maar een beetje in de gaten.
Oudoe. We zullen U missen
Ste Marie Kapel Huijbergen
Woensdag 08-11-2006, 14.00u